Volmaakte Driestemmingheid

 

De triosonate was in de 18de eeuw een uitermate populaire muzikale vorm. Het componeren voor drie zelfstandige stemmen werd gezien als een groot vakmanschap. In basis bestaat de triosonate uit twee melodie-instrumenten en basso-continuo, waarbij deze laatste altijd uit minimaal twee spelers bestaat, zodat de bezetting van een triosonate altijd op vier musici uitkomt.

Johann Sebastian Bach is een van de grootste vakmannen op het vlak van de volmaakte driestemmigheid. Zijn triosonates uit het Musikalisches Opfer alsook die voor orgel zijn van een grootsheid en kwaliteit die nauwelijks navolging kent.

Nu kan deze driestemmigheid in vele vormen gegoten worden. In het programma van Ensembl’Elaboratio zijn een paar van die verschillende vormen opgenomen.

De cantates van Telemann voor sopraanstem, melodie-instrument en basso-continuo zijn een variatie, doordat een van de twee instrumenten is vervangen door een zangstem. In de vioolsonates van Bach is de rechterhand van de klavecinist de vertolker van een van de melodieën terwijl de linkerhand de bas voor haar rekening neemt.

De triosonates van Handel en Telemann zijn in dit programma het meest traditioneel. Eenvoud en fantasie maken deze composities tot verrassende Barokke juweeltjes.